dec 042015
 
In het Genealogysk Jierboek 1993 staat de beschrijving van Gerrit Hesman's Borgerwapenen. Een daarvan behelst het burgerwapen van Jan Jacobs Folkema, de vader van drie kunstzinnige
Wapen met gouden greep en 2 hazenpootjes(?)
kinderen.
De Friestalige beschrijving vermeldt hem als goudsmid en plaatsnijder te Dokkum. Geboren te Makkum trouwde hij in 1684 te Dokkum met Brechtje Jacobs Faber uit Enkhuizen. Ze trouwden voor het Gerecht, dus mogelijk waren ze van doopsgezinde komaf.
In 1688 worden ze vermeld als debiteuren en in 1693 leende hij geld. Jan, ook wel Johannes Folkema, Folckama of gewoon Jan Jacobs genoemd, werkte aan de Koninklijke Munt in Parijs waar hij diverse medailles ontwierp. Na enige tijd keerde hij terug naar Dokkum.
Het boek Dokkumer, Kollumer en Amelander zilver vermeldt het volgende over hem:  Zijn eerste huwelijk (voor het Gerecht) was op 17 april 1677 met Martien Clases uit Grijpskerk. Ze trouwden, zoals gebruikelijk, ook nog voor de NH kerk.
Jan Folkema was mogelijk een leerling van de Leeuwarder zilversmid en schepen Jacobus Harmens Raapsvelt in 1668. Hij komt voor in het Dokkumer gildenboek der zilversmeden van 1675 tot 1693, regelmatig als olderman of keurmeester, samen met leeftijdsgenoot Thomas Higt.

Volgens het Ambachtsboek vervaardigde hij brandewijnkommen, speldenbakjes, bekers, ijsbekers, zoutvaten, tasbeugels, kandelaars, mosterdpotten en tabaksdozen maar tussen 1688 en 1693 laat hij zelf geen werk meer keuren. Hij was naast goud- en zilversmid ook ornamenttekenaar en graveur. Van zijn hand zijn drie series van elk zes prenten met 'Alderhande voorbeelden van doorgebroken zilversmidswerk' gepubliceerd door Carel Allard rond 1695 (digitale versies in collectie Victoria & Albert museum London).
Voor Dokkumer zilver moet u tegenwoordig in Museum Dokkum zijn.

Samen met Rinske Jacobs Folkema vervaardigde hij het 'Livre de feuillages et d'ouvrages d'orfeverie inuventees' naar ontwerptekeningen van Theodore le Juge, graveur en goudsmid te Parijs. Deze serie van twaalf prenten werd na 1697 uitgegeven door Pieter Schenk te Amsterdam. Mogelijk was Rinske een broer (of zus?) van Jan Folkema.
In 1708 vertrok hij naar Amsterdam waar hij met Johannes Hilarides in 1718 een Atlas van Amsterdam uitgaf via Francois Halma. Het gezin Folkema vestigde zich in Amsterdam aan de Westermarkt (in de Jordaan).

Hun zoon Jacob Folkema, in 1692 te Dokkum geboren en gedoopt, werd in Amsterdam een bekende graveur, nadat hij als leerling van zijn vader het vak leerde. Maar hij moet haast wel in Dokkum geweest zijn toen hij in 1714 portretten maakte van zijn vriend en leeftijdsgenoot Tjeerd Higt die met Geertruid Cramer trouwde, de dochter van vroedvrouw Catharina Schrader en haar eerste man Ernst Willem Cramer. Schrader hertrouwde met zilversmid Thomas Higt, de oom van Tjeerd. Folkema maakte van het bijzondere viertal, Tjeerd en Thomas Higt en de dames Cramer en Schrader, de pentekening-portretten waarschijnlijk ter ere van hun huwelijken in 1713. In De Sneuper 91 schreef ik erover.

Jacob Folkema is degene die het Gezicht op Dokkum uit begin 18e eeuw maakte, dat u zult herkennen als 'gezicht van onze website en ons blog'.

Anna Folkema, in 1695 te Dokkum geboren, werd ook graveur en etster. Ze maakte o.a. een mooie serie miniportretten van de familie Van Royen. Fraai zijn ook de portretminiaturen van broer en zuster Lestevenon, waterverf op ivoor gemonteerd in schildpad dekseldoosjes, en de kopie naar een zelfportret van de schilder Nicolaes Verkolje.
Collega-blogger Perkamentus is ook enthousiast over Anna Folkema, hoewel hij Jacob abusievelijk ziet als vader in plaats van broer.
Het blad Boekenwereld publiceerde in 2013 een artikel over Anna en Fopje Folkema, prentenmaaksters in de achttiende eeuw

Van zowel Anna als Jacob Folkema zou een portret moeten bestaan maar die heb ik helaas nog niet gezien. Zie deze vermelding: Er bestaat eene afbeelding van haar, ten halven lijve, links, in ovaal; onafgemaakte teekening in O.I. inkt, zonder eenigen naam, en pendant van dat van haren broeder in fo. Zie Catalogus van Portretten van F. Muller, Nr. 1695. Haar geteekend portret in fo. vindt men onder Nr. 1695 in den zoo even bedoelden Catalogus vermeld. Jacob zou dan de pendant met nummer 1694 zijn.
Als het goed is zijn ze in het bezit van het Fries Museum, maar die heeft (nog) geen portretten online. Ik houd me aanbevolen voor foto's, scans of tips! Het zou mooi zijn om die afbeeldingen dan eens in De Sneuper af te drukken.

Fopje Folkema, geboren in 1690 te Dokkum en gedoopt als Fopkjen, leverde een bijdrage aan een project 'Il Callotto Resuscitatoe', waaraan ook haar zus Anna werkte, waaronder bijzondere gravures van dwergen. Waarschijnlijk dus de minst actieve van de drie kinderen, maar zeker kundig!

Een overzicht van het oeuvre van de familie Folkema in Nederlandse collecties krijgt u via de DigitaleMuseumCollectieNederland(DiMCoN).

In de online collectie van de National Gallery of Scotland bevindt zich een afbeelding die gedateerd is op 1674 en de signatuur van pater familias Jan Jacobs Folkema heeft. Het toont vier graveurs (!) aan een tafel. Het zou maar zo een tafereel in Dokkum of Makkum kunnen zijn!
In het Burgerboek van Dokkum wordt de zilversmid Jan Jacobs op 22 maart 1675 ingeschreven, komende vanuit Makkum. Eventueel kan het nog een scene in Leeuwarden zijn als hij daar in 1674 nog als leerling verbleef. Zouden de afgebeeldenen leden van de familie Folkema zijn, of misschien alleen Jan die zijn meesterproef aan het afleggen is?

 Leave a Reply