jun 292012
 
Uitgeverij Verloren publiceert een boek van Hotso Spanninga getiteld Gulden Vrijheid? Politieke cultuur en staatsvorming in Friesland, 1600-1640
'Eendracht maakt macht', was het devies van de Republiek der Verenigde Nederlanden. Die eendracht, onmisbaar in de geldverslindende strijd tegen Spanje, was echter niet vanzelfsprekend, zo blijkt uit de opstelling van de Friezen.
Zij stelden hun eigen belang boven het algemeen belang, niet alleen op grond van de herwonnen Friese Vrijheid, maar ook uit onmacht. Nergens waren de regenten zo krachteloos wat betreft belastingheffing als in Friesland. De achterstand in de Friese betalingen aan de oorlogskas van de Republiek werd hierdoor onaanvaardbaar groot.  
Hotso Spanninga beschrijft hoe de Staten-Generaal in een ultieme poging het weerspannige gewest tot de orde te roepen, in 1635 de Raad van State naar Leeuwarden stuurden. Anderhalf jaar lang probeerde deze Raad de Friezen tot betaling te dwingen. Bestuurlijke hervormingen moesten de losgeslagen politieke cultuur beteugelen om ook voor de toekomst werkbare verhoudingen tussen Friesland en zijn bondgenoten te scheppen.
Hotso Spanninga promoveerde aan de Universiteit van Leiden op 28 juni 2012 op dit onderwerp.
jun 262012
 
We zitten natuurlijk niet stil bij de Historische Vereniging Noordoost Friesland. Zoals eerder gemeld wordt er door een kleine projectgroep in samenwerking met het Streekarchief in Dokkum gewerkt aan de digitale ontsluiting van de Marieboeken uit de Franse tijd.
De redactie is druk met het samenstellen van zo mooi en gevarieerd mogelijke nummers van De Sneuper in kleur en de diverse specialisten zijn continu bezig hun verzameling aan oude foto's uit de regio (Jan de Jager) of informatie over eendenkooien (Gerard Mast) te vergroten.
Maar dat blijft natuurlijk een kleine groep ten opzichte van de ruim 500 leden die we in den lande hebben.

In Sneuper 106 schreef ik al over zogenaamde crowdsourcing projecten als velehanden.nl
En nu doet zich ook een praktische mogelijkheid voor voor een dergelijk project met alleen Friese gegevens. Vanachter uw eigen computer in uw vrije tijd meehelpen aan het digitaal ontsluiten van de Volkstelling 1744 van Friesland. Dat is notabene een project dat we zelf aangezwengeld hebben na het winnen van een prijsvraag van Tresoar via Twitter. De oude lijsten met namen zijn weliswaar digitaal gefotografeerd maar ze zijn daarmee nog niet doorzoekbaar! Dat kan pas als de namen op een gestructureerde wijze zijn overgenomen in een spreadsheet. En dat is best eenvoudig. Vandaar bij deze een oproep van Tresoar voor vrijwilligers:

Wilt u meehelpen met het invoeren van de Volkstelling 1744 ?

Begin dit jaar bereikte Tresoar de mijlpaal van 1000 volgers op Twitter. Ter gelegenheid daarvan werden volgers in de gelegenheid gesteld om hun digitaliseringswensen in te dienen. Op 26 maart werd daaruit geloot. De winnaar was @sneuperdokkum die graag de Volkstelling uit 1744 gedigitaliseerd zou willen zien. Dat is inmiddels klaar en de foto's van de vier delen zijn op 4 mei in de Digicollectie geplaatst.

Nog mooier zou het zijn als er aan de foto's ook een database gekoppeld zou kunnen worden met daarin de namen en overige gegevens van de personen die in de volkstelling genoemd worden. Daar is in het verleden al eens een begin mee gemaakt en de eerste 5 gemeenten zijn al ingevoerd. Voor de overige 36 gemeenten willen wij graag een beroep doen op vrijwilligers.
Voelt u ervoor om één van de onderstaande gemeenten voor uw rekening te nemen? Neem dan contact op met Aly de Boer (adeboer@tresoar.nl). U ontvangt dan van ons een Excel-bestand waarin de gegevens ingevoerd kunnen worden, met een invoerinstructie. Invoeren kunt u gewoon thuis doen aan de hand van de foto's van de Volkstelling zoals ze in de Digicollectie getoond worden.

Stand van zaken:

Nog in te voeren gemeenten:

deel 1:
Ferwerderadeel
Westdongeradeel
Oostdongeradeel
Kollumerland c.a.
Dantumadeel
Achtkarspelen
Tietjerksteradeel
Smallingerland
Idaarderadeel
Rauwerderhem

deel 2:
Menaldumadeel
Franekeradeel
Barradeel
Baarderadeel
Hennaarderadeel
Wonseradeel
Wymbritseradeel (in bewerking)
Het Bildt

deel 3:
Aengwirden
Haskerland
Schoterland
Lemsterland
Opsterland
Stellingwerf Oosteinde
Stellingwerf Westeinde

deel 4:
Leeuwarden
Bolsward
Franeker
Sneek
Dokkum
Harlingen
Stavoren
Sloten
Workum (in bewerking)
IJlst
Hindelopen

Reeds ingevoerd:

Leeuwarderadeel
Gaasterland
Hemelummer Oldevaart
Doniawerstal
Utingeradeel


Omschrijvinge van familiën in Friesland
Wegens klachten over de slechte handel en scheepvaart werd door de Staten overwogen of de z.g. havenpachten zouden kunnen worden afgeschaft. In plaats daarvan zou een jaarlijkse quotisatie op de huisgezinnen geheven worden. Om de opbrengst van deze quotisatie vooraf te kunnen beoordelen, werden ingevolge resolutie van 13 maart 1744 alle grietenijen en steden aangeschreven staten in te zenden. Deze staten zijn als volgt samengesteld: van ieder hoofd van een huishouden werd de naam genoteerd, het aantal personen waaruit het huishouden bestond, of het huishouden vermogend of "insolvent" dan wel "gealimenteerd" was en de aangeboden vrijwillige bijdrage ter vervanging van de havenpachten. Nagenoeg de hele bevolking is op deze staten terug te vinden, zodat met recht van een volkstelling kan worden gesproken.

De Volkstelling van 1744 (4 delen) is gefotografeerd door vrijwilligers van de FAF en is te vinden in de Digicollectie. Zie bv Deel 4 met de stad Dokkum.
jun 222012
 
Het tweede nummer van De Sneuper in kleur, nummer 106, staat deze keer in het teken van Hans Willem baron van Aylva. Het coververhaal behandelt de na een internationale speurtocht gevonden portretten van de ontzaglijke generaal, zijn familie en wapenfeiten, zoals zijn deelname (als aanvoerder van het Friese smaldeel) aan de Tocht naar Chatham in 1667.
Over de uitspraak van de adellijke achternaam is een apart artikel opgenomen waarin Hessel de Walle en Simon Wierstra de degens kruisen.
Hilda Bouta legt de verbinding met de stinzenplanten in Friesland en de kastelen te Waardenburg en Neerijnen. Interessante verhalen uit de familiegeschiedenis Rypperda, de Dokkumer pompmakers en een herenhuis van Helder completeren het geheel weer tot een prettig leesbaar verenigingsblad!

Inhoudsopgave Sneuper 106, juni 2012:
HISTORIE & STREEKGESCHIEDENIS
Schilderijen van Hans Willem baron Van Aylva, H. Zijlstra
De uitspraak van de achternaam Aylva, H. de Walle
Stinzenplanten Neerijnen en familie Van Aylva, H. Bouta

GENEALOGIE & FAMILIEGESCHIEDENIS
Sjoerd Folkerts Rypperda ( deel 2 ), T. de Zeeuw

RUBRIEKEN & COLUMNS
COLUMN: Dokkum Moordstad, A. Hansma
INGEBOEKT: Het herenhuis van Helder (1733). W. Banga
HERALDIEK: Heraldische wapens, J. Broersma
DIACONIEREKENINGEN: de pomp, P. de Haan
INGEBOEKT: Vier eeuwen Kingma in de Oostergo
DIGITAAL & ACTUEEL & VARIA
DIGITAAL: Website en blognieuws, H. Zijlstra
VARIA: Wat staat er te geschieden (agenda)


Wilt u ook meegenieten van de interessante verhalen uit onze regio, dan kunt u zich eenvoudig aanmelden als lid via dit online formulier.
jun 182012
 
Het Nationaal Archief heeft een online database met 40.000 foto's beschikbaar gesteld voor het ontwikkelen van applicaties die hier leuke dingen mee doen. Op het zoekwoord Dokkum diverse interessante foto's, veel Bonifatius, een enkel Dokkumer Lokaaltje, wat Elfstedentocht, burgemeester Van Tuinen en zelfs toenmalig (november 1946) prinses Juliana aan de maaltijd in het mooie stadhuis te Dokkum uit het archief van Elsevier.
Ga zelf ook maar eens sneupen in deze online bron: http://www.gahetna.nl/collectie/afbeeldingen/fotocollectie/zoeken/q/serie_collectie/Fotocollectie%20Anefo
jun 152012
 
Poppo van Burmania (1603-1676), "Enege gedenckwerdege geschiedenissen tot naerichtinge der naekomelingen beschreven door jr. Poppo van Burmania dewelke hij eendeels gesien, over- ende bijgewesen is, anderdeels van geloefswerdege mannen gehoort ende verstaen heeft alles nae den olden stijl"
In dit geschrift doet deze Friese militair verslag van veldtochten tegen de Spanjaarden, Fransen en Zweden, zijn deelname aan een expeditie naar Lübeck, veldtocht op het eiland Fünen in 1659 (onder admiraal Michiel de Ruyter) en allerlei gedenkwaardigheden uit de loopbaan van de auteur, binnen- en buitenlands nieuws en notities betreffende ouders en andere familieleden. Uitgave voorbereid door Wiebe Bergsma. http://www.egodocument.net/edities-op-komst.html
Portret Poppe van Burmania (1635/1640, Jan Jansz de Stomme, Fries Museum). Man ten halven lijve staand, naar rechts gedraaid. Golvend blond haar, tot op schouders hangend. Snor en sikje (schuttersbaard). Gekleed in geel leren kolder, bedekt door een borstkuras van zwart metaal. Goudbruin gestreepte mouwen van vest met wijd openstaande mouwsplitten, waaruit de witte hemdsmouwen tevoorschijn komen. Slappe rechthoekige kraag van wit kant met gelobde rand, hals en bovenstuk borstkuras bedekkend. Sjerp, goud- en zilverdraad geborduurd, loopt van linker schouder over borstkuras naar rechter heup. In zwarte lijst met vergulde bies in dagkant.

De Friese adellijke militair Poppo van Burmania (1603-1676) heeft meer dan vijftig jaar gediend in het Staatse leger. Over zijn leven als militair heeft hij een kroniek geschreven onder de titel Enege geschiedenissen. Die 'Geschiedenissen' bevatten niet alleen zijn belevenissen als militair, maar bieden soms ook nieuwe informatie over uiteenlopende zaken als de pest, walvissen, anecdotes, patronage en het dagelijkse leven. Wiebe Bergsma heeft de tekst toegankelijk gemaakt door middel van een uitvoerige inleiding en dito annotatie. Eind 2009 zal de kroniek in druk verschijnen. Dat meldt de website van de Fryske Akademy. Dat zal wel enigszins vertraagd zijn, maar ik ben toch zeer benieuwd naar het eindresultaat.
Voor prachtige afbeeldingen van de Burmania familie zie de Beeldbank Leeuwarden.
jun 122012
 
Bij de boekhandel zag ik een aardig boekje van wijlen Martin Bril liggen: Heimwee naar Nederland.
Het viel me direct op dat de cover (met de Groninger Bril zelf op de voorgrond) een kaartje van Noordoost-Friesland als achtergrond heeft. Ik dacht dat er iets over Moddergat in zou staan, maar na wat bladeren zag ik dat er een hoofdstukje over Visbuurt (onder Ternaard) in staat. Bril heeft blijkbaar ooit overwogen een te koop staand huisje aldaar aan te schaffen en beschrijft hoe hij de omgeving ervaart.
Leuk leesvoer voor deze zomer. Voor een krappe 15 euro te koop.
Overigens schreef ons redactielid Eimert Smits ooit ook een aardig boekje over de geschiedenis van de Visbuurt.
jun 102012
 
Nee, het gaat hier niet om een grap die een Dokkumer aan de paus vertelde. Sinds kort staat zowel een tekst- als beeldarchief van het ANP online. Op zoekwoord Dokkum deze aardige foto van Lodewijk Damsma en vrouw die paus Johannes Paulus (Karol Wojtila) in 1984 een gevonden steen van een klooster uit de Dokkumer contreien (de Bonifatiusbron?) aanbieden.

Zoekt u zelf ook eens in het ANP Historisch Archief.

jun 082012
 

Machiel Bosman, m.m.v. Hans Zijlstra en Reinder Tolsma

Uit:  De Sneuper, nummer 88, blz. 176-181, September 2008, Historische Vereniging Noordoost Friesland.

Op 16 mei 2008 werd in het Stadsarchief van Amsterdam een boek gepresenteerd, getiteld Elisabeth de Flines, Een onmogelijke liefde in de achttiende eeuw. Hoewel een groot deel van het verhaal zich afspeelt in Amsterdam is er ook een belangrijke Dokkumer component. Dit artikel gaat daar dieper op in.

Elisabeth de Flines, de dochter van een steenrijke koopman aan de Amsterdamse Herengracht, gaat er in 1700 vandoor met haar geliefde Eduart Back, de knecht van haar vader Jacob. Ze duiken onder en krijgen een kind, maar hun huwelijk wordt hun belet door haar vader en de rechter. In 1702 bepaalt de Hoge Raad dat ze drie maanden terug moet naar haar vader om zich te bezinnen op haar toekomst. In die periode weet haar vader haar onder druk los te weken van Eduart en een huwelijk voor haar te bekokstoven met een Friese advocaat, Adriaan Penterman(1). Na hun bruiloft in 1704 zetten ze hun huishouden op in Leeuwarden. In 1710 verhuizen ze naar Dokkum, waar ze hun intrek nemen in ‘De nieuwe collegie’, het oude onderkomen van de Friese admiraliteit die in 1645 naar Harlingen is uitgeweken. In 1713 sterft Adriaan Penterman, vader van acht kinderen inmiddels.

Admiraliteitshuis, 1723

J. Stellingwerff

 

Met de dood van Adriaan wordt Elisabeth een ander mens. Voor het eerst van haar leven is ze handelingsbekwaam – niet langer als minderjarige afhankelijk van haar vader of als echtgenote van haar man. Elisabeth is in beginsel steenrijk, alleen dat weet ze niet. Haar vaders huis op de Herengracht is feitelijk van haar. Dat vloeit voort uit het testament van haar grootvader van moederszijde, die heeft bepaald dat haar ouders haar wanneer ze trouwt, of 25 wordt, ofwel vijftigduizend gulden moeten uittellen, of anders vervalt het huis aan haar. Voor Jacob was dit een reden te meer om het huwelijk met de knecht Eduart te dwarsbomen, terwijl hij met Adriaan achter Elisabeths rug om allerhande onderhandse afspraken heeft gemaakt om ervoor te zorgen dat hij het huis kan behouden. Adriaan is afgekocht met twintigduizend gulden onder meer. Elisabeth weet van dit
alles niets, maar er is geen twijfel aan dat ze erachter zal komen nu ze als weduwe zelf haar zaken zal kunnen behartigen. En het is de vraag of de afspraken die Jacob en Adriaan onderling hebben gemaakt stand zullen houden voor de rechter, mocht het zover komen.

 

Het Grachtenboek van Caspar Philips (1770) geeft de 17de-eeuwse toestand van Herengracht 132 vóór 1787 weer.

 

 

 

Jacob besluit het er niet op te wagen, maar in plaats daarvan te proberen zijn dochter onder curatele te laten stellen. Maar dan zal hij eerst een dossier moeten opbouwen dat die stap rechtvaardigt. Kort nadat Adriaan is overleden, stuurt hij tot dat doel een dienstbode naar Dokkum, zogenaamd om zijn dochter bij te staan. Ook Elisabeths schoonfamilie zit in het complot, die door Jacob met mooie beloften is gepaaid.

Wie een familielid zijn bewegingsvrijheid wilde benemen, moest een met redenen omkleed verzoek daartoe aan de rechtbank richten. Drank-misbruik, verkwisting, verwaarlozing, mishandeling, seksuele bandeloos-heid en goddeloosheid waren al dan niet in combinatie de meest gehoorde motieven, dus daar moet Jacob het van hebben. Dit is zijn meesterzet: hij biedt zijn dochter in haar verdriet de hulp van een dienstbode aan, om haar gezelschap te houden en bij te staan in deze moeilijke tijden. Het gaat om Maria van der Voort, de weduwe van een herbergier uit Breukelen. Elisabeth maakt dankbaar gebruik van haar diensten. Zo haalt ze de vijand in huis.

De puinhoop die Maria aantreft! “…alles in den huijse zeer wild en woest, ja gants onordentelijk en reddeloos heeft gevonden, ende dit zoo wel ontrent den huijsraad, als ontrent de kinderen, als loopende dezelve kinderen met gescheurde en onreine kleederen, gants havenloos en geheel en al beset met ongedierte, gelijk zulks heeft gebleeken, nadat zij comparante die kinderen naderhand wat heeft gehavend ende gereinigd. Dat voorts ook zij comparante van tijd tot tijd heeft gesien ende ondervonden, dat de gedagte weduwe Penterman zich weinig, ofte wel in’t geheel niet met haare kinderen bekommerde, ofte bemoeide, veel min behoorlijk versorgde ofte havende, ende alzo ontrent hen geen de minste moederlijke genegentheid ofte liefde bewees, maar eerder hen onbermhertig en onmededogeloos handelde, ende tieranniglijk over hen heerste, als slaande dezelve meest sonder eenige de minste reden.(…) dat zij het eeten in de kas liet bederven, zonder hetzelve ten oorbore te nuttigen (…) maar ook dat sij het natte linnen vier dagen lang in haar slaapkamer opsloot, zonder daar aan iets te doen, en daar na zonder kaars of eenig licht bij haar te hebben, savonts ten zes of zeven uuren tot laat in de diepe nacht daar aan ging arbeiden(…) alzo zij dagelijks zodanig onmatiglijk de sterke drank gebruijkte, dat zij dikwils buijten hare zinnen was, en als dol en rasend aanging. Sluijtende alzoo dronken zijnde haar zelven meesten tijd savonds in de kamer op, dat geen mensch dan bij haar kost komen, waar omme men doorgaans bang en verlegen was, dat zij wel brand mogt veroorzaaken…”

Aldus Maria van der Voort, na een verblijf van zes maanden bij Elisabeth in Dokkum. Wat kan Jacob nog, in het licht van deze verklaring? Zijn dochter, stelt hij met zoveel woorden vast, is niet alleen klein van verstand, oordeel en begrip, maar ook los, onbezonnen en verkwistend van aard. Ze is niet in staat voor zichzelf te zorgen, laat staan voor haar kinderen. Als er niet wordt ingegrepen, valt te vrezen voor de totale ruïne van haar gezin. Er zit maar één ding op, aldus Jacob in een verzoekschrift aan het Friese gerechtshof: een ondercuratelestelling. Deze vrouw moet aan banden worden gelegd. Hij machtigt de Friese advocaat Petraeus om namens hem de affaires rond zijn dochter af te handelen.

Elisabeth intussen heeft Dokkum achter zich gelaten en zich met haar gezin in Leeuwarden gevestigd. Dat zulks niet vrijwillig ging, vertellen getuigen(2): “…dat ook de gem. Pentermans in weerwil van de gem. weduwe Penterman de tweede dagh nae de gem. begraevenisse geweldiglijk de huishoudinge tot Dockum ten meeren deele hebben opgebrooken ende het meest en voornaemste van de meubilen, huisraed en imboel hebben uijt den huijze gevoert of gedaen brengen ende inscheepen in een vaertuijgh ende vervolgens naer Leeuwaerden hebben vervoert, niet tegenstaende de gemelde weduwe Penterman haer zelven op alderhande wijzen daer tegen opposeerde, zelfs tot zoo verre dat zij een buure gerugt maekte en de buuren tot haer assistentie wilde roepen om haer tegen dit geweld te helpen ende te assisteeren ende dat de gemelde Pentermans om haer dat te verhinderen de gemelde weduwe Penterman in een kamer hebben opgeslooten gehadt ende aldaer opgeslooten gehouden tot dat zij de gemelde meubilen uijt het gemelde huijs hadden gedaen vervoeren ende in het gemelde vaertuig inscheepen. Dat dit gedaen zijnde de gemelde Pentermans beijde des naermiddags omtrent ten vier uuren de gemelde weduwe requirante tegens haer wil en genegentheid tusschen hun beijde in het midden ieder bij een arm genoomen ende alzoo door verscheijde omweegen door enge steegjens ende zelfs door het huijs van eenen hopman (3) Snip (zijnde de lombart) als een gevangene om het geright van de menschen te ontgaen ende omdat zij niet soude worden ontset buijten de poort ende in het gemelde vaertuigh hebben gebragt en vervolgens met haer naar Leeuwarden zijn vertrocken…”

Sinds april zit Elisabeth zo bij haar schoonvader, wachtend op een huis dat haar is toegezegd. Maar de oplevering van haar huis schiet niet op en vier maanden later zit ze er nog. Dan, de elfde augustus 1714, vallen de schellen haar van de ogen. De deurwaarder staat op de stoep met een dagvaarding voor haar. Wat blijkt? Haar vader wil haar onder voogdij laten plaatsen! Haar vader! Ze weet niet precies wat hier achter zit, maar één ding is zeker: ze moet weg, terstond, geen dag te verliezen.

Elisabeth wacht tot de Pentermannen de deur uit zijn. Dan, beschroomd en bevreesd, haar hoofd bedekt, glipt ze de deur uit. Ze laat haar kinderen achter, wat moet ze anders? Ze neemt haar toevlucht tot het huis van een vriend, de Leeuwarder koopman Frans Stalpert van der Wielen, en neemt terstond een advocaat in de arm, Petrus Rudolphi. Die zal weten waar hij aan begonnen is: hij zal worden belasterd en belaagd, en jaren moeten wachten op zijn salaris.

Paniek bij de Pentermannen als ze merken dat Elisabeth er vandoor is. Ze weten middels een grootscheepse zoekactie al snel haar verblijfplaats te achterhalen, maar missen het recht haar daarvandaan te slepen. Daarom vervoegen ze zich bij het Hof van Friesland. Deze vrouw, zeggen ze, is ervandoor gegaan met achterlating van haar acht kinderen; daar heeft ze ons mee opgezadeld. Ze tracht de jurisdictie van uw Hof te ontlopen. Ze verzoeken arrest op haar persoon, dat wil zeggen het recht haar op te laten pakken en vast te houden op hun kosten. Bij hen thuis welteverstaan, waar ook haar kinderen zich bevinden. Een dergelijk huisarrest op last van de rechter was niet ongebruikelijk destijds.

Diezelfde dag nog wordt Elisabeth door de deurwaarder van het Hof met twee knechten van haar verblijfplaats weggesleept, om die avond al tot nader order te worden overgedragen aan haar schoonfamilie. Het Hof, dat de zaak gaat onderzoeken, voelt er weinig voor de verdachte tussentijds in de gelegenheid te stellen de aanklacht met haar vlucht waar te maken. Elisabeth is terug bij af, met dit verschil dat ze nu weet dat ze bij de vijand huist. De schijn hoeft niet langer te worden opgehouden, haar schoonfamilie kan het masker laten vallen.

Twee maanden zit ze daar in haar slavernij, zoals ze het zelf noemt – dan volgt de victorie. Het Hof heeft de aantijgingen onderzocht en ongegrond bevonden. Er zou, aldus Elisabeth later, bedrog zijn vastgesteld, tot de uiterste verwarring van haar vader en zijn handlangers. Eind oktober wordt ze in haar vrijheid hersteld en kan ze haar eigen huishouding opzetten, met haar kinderen, in een huis dat ze huurt van Frans Stalpert van der Wielen. Ze krijgt haar meubels terug, die de Pentermannen in beslag hadden laten nemen, en schaft zich om haar overwinning te vieren wat nieuws aan – een theetafel, een kamerscherm en wat bestek onder meer. In geen jaren zal ze meer zo zorgeloos met geld omgaan.

Wat nu? Ze heeft een slag gewonnen maar het gevaar is niet geweken. Hoe haar vrijheid veilig te stellen? Hoe, in haar woorden, het hoofd te bieden aan de gevaren waar ze aan blootstaat, aan de streken en vervolgingen waar ze aan wordt beproefd? Er is een uitweg, beseft Elisabeth: trouwen. Dan heeft ze vanzelf een voogd, zodat de dreiging van een ondercuratelestelling is afgewend. Ze heeft, zegt ze zelf, de krachtige bescherming, raad en assistentie nodig van een man. En ze heeft een kandidaat op het oog ook: een man van wiens oprechtheid en onverminderde liefde ze volkomen overtuigd is. Een man bovendien die het klappen van de zweep kent, die al eerder een trouwe bondgenoot is gebleken in de strijd tegen haar vader – de liefde van haar leven, Eduart.

Het is niet de gelukkigste keuze misschien.

Hoe het afloopt?

Zie daarvoor het boek(4), geschreven door bovengenoemde auteur:

“Elisabeth de Flines, een onmogelijke liefde in de achttiende eeuw”, 2008. Uitgeverij: Athenaeum-Polak & Van Gennep, 176 pagina’s.

ISBN 978-90-253-6362-8.

Noten:

1. Adriaan Penterman was “tonneboeier”, verantwoordelijk voor het leggen van boeien in de Waddenzee om de vaargeulen aan te geven. Het jaarlijks traktement van de provinciale tonnenmeester: 2000 gulden maar liefst. Bekende voorgangers van Penterman als tonneboeier in Dokkum zijn vader en zoon Zuiderbaan (Jan Lolkes en Lolke Jans). Beiden hebben in hun burgerwapen een boei aan een ketting en een steen (wapenboek Hesman).

2. De getuigen waren Antje Folkerts en haar dochter Neeltje. Haar man Johannes Claesen Wiarda, mr schilder en glasemaker, wonende te Dokkum, te Rinsumageest en te Leeuwarden, is geboren te Dokkum en overleden na februari 1728. Zij trouwen (kerk) op donderdag 5 mei 1689 te Dokkum (hij van Dokkum, zij van Leeuwarden). Antje is overleden na februari 1728. Van Johannes en Antje zijn zes kinderen bekend (info via Melle Koopmans):

1. Folkert Johannes Wiarda is gedoopt 30 augustus 1691 te Dokkum. Folkert trouwt (kerk) op 1 mei 1716 te Dokkum met Antje Jacobs. Antje was eerder gehuwd (1) met Gerrit Hesman, glazemaker en verwer; maakte rond 1700 een wapenboek met burgerwapens van veel Dokkumers (zie Genealogysk Jierboek 1993).

2. Jan Johannes Wiarda is gedoopt 27 oktober 1695 te Dokkum.

3. Neeltje Johannes Wiarda is gedoopt 27 oktober 1695 te Dokkum.

4. Jan Menckes Johannes Wiarda is gedoopt 27 oktober 1695 te Dokkum.

5. Mencke Johannes Wiarda is gedoopt 27 oktober 1695 te Dokkum.

6. Klaas Johannes Wiarda is gedoopt 6 februari 1701 te Dokkum

3. In de garnizoensstad Dokkum was een (burger-)hopman een soort groepscommandant in een vendel. In dit geval betrof het Folkert Snip die ook zilversmid en lommerd(=bank van lening) was. Vroedvrouw Schrader, die volgens haar memorieboek 22 september 1711 Elisabeth hielp een zoon, Gilbert, op de wereld te zetten, was aan deze Snip gelieerd. In Genealogysk Jierboek 1993 staat hun familiewapen. Hierin staat eveneens het wapen van Joannes Wiarda, getrouwd met Anna Lijsbeth Dokkoma(= Antje Folkerts).

4. De schrijver Machiel Bosman en zijn boek waren het onderwerp van een uitzending van “Verre Verwanten op Radio 5″, opgenomen op 17 juni in het Admiraliteitshuis te Dokkum. Geïnterviewd werden tevens museum-directeur Ihno Dragt en streekarchivaris Tjeerd Jongsma. De uitzending van dit programma heeft plaatsgevonden op zaterdag 2 augustus en is nog online te beluisteren via www.verreverwanten.nl of ons Sneuperblog op sneuperdokkum.blogspot.com.

Het boek is genomineerd voor de Grote Geschiedenis Prijs van Volkskrant, Historisch Nieuwsblad, NPS en VPRO.

jun 052012
 
Ze staan al een tijdje online en ik had ze ook al opgenomen in de lijst van Andere relevante sites op het Sneuper blog. Maar echt aandacht had ik er nog niet aan besteed. Het vuistdikke papieren exemplaar over de Dongeradelen uit de serie van Herma van den Berg, Monumenten van Geschiedenis en Kunst, Noordelijk Oostergo, heb ik inmiddels op onze ledendag weggegeven. Dat scheelt weer een stukje boekenplank.
Het mooie aan de boeken in deze serie is de uitgebreide behandeling van monumenten in de dorpen van Noordoost Friesland. Zowel qua tekst, tekeningen als foto's. De correctheid van de historische beschrijvingen is lang niet altijd optimaal maar laat niet verlet dat het een prachtige Fundgrube is voor stamboomonderzoekers met familie in ons werkgebied. Van de serie zijn de exemplaren over de Dongeradelen, Ferwerderadeel en Dantumadeel volledig online gezet en doorzoekbaar:

- Noordelijk Oostergo. Dongeradelen 
Dit betreft de dorpen
a De gemeente Westdongeradeel Overzichtskaart
Bornwird
Brantgum
Foudgum
Hantum
Hantumhuizen
Hantumeruitburen
Holwerd
Moddergat
Nes
Raard
Ternaard
Waaxens
Wierum
B De gemeente Oostdongeradeel Overzichtskaart
Aalzum
Anjum
Ee
Engwierum
Jouswier
Lioessens
Metslawier
Morra
Niawier
Nijkerk
Oostrum
Paesens
Wetzens

- Noordelijk Oostergo. Ferwerderadeel
Dit betreft de dorpen 
Birdaard
Blija
Ferwerd
Genum
Hallum
Hogebeintum
Jislum
Lichtaard
Marrum
Reitsum
Wanswerd

- Noordelijk Oostergo. Dantumadeel
Dit betreft de dorpen
Birdaard
Broeksterwoude
Damwoude, Akkerwoude
Damwoude, Dantumawoude
Damwoude, Murmerwoude
Driesum
Janum
Rinsumageest
Roodkerk
Sybrandahuis
Valom
Veenwouden
Wouterswoude
Zwaagwesteinde
jun 012012
 
Kortgeleden schreef ik na mijn bezoek aan Boston en een basketbalwedstrijd in de NBA-playoffs van de Boston Celtics over de blonde speler Greg Stiemsma. Zoals bij vele namen herkende ik aan de achternaam al dat hij roots in Noordoost-Friesland moest hebben, en dat bleek ook te kloppen.
Vandaag las ik over de basketbalfinale van de Eastern Conference (de clubs aan de oostkant van de USA) waarin Boston Celtics speelt tegen topclub Miami Heat (met LeBron James), met als hoofdcoach Erik Spoelstra. Ik dacht meteen hetzelfde: die heeft vast ook roots in Noordoost-Friesland.
Spoelstra is een Friese naam die met name in het Fries-Groningse grensgebied voorkwam. Een goede vriend van mijn vader was Thijs Spoelstra uit Kommerzijl, die als KNIL-militair omkwam in Nederlands-Indië.
Op Wikipedia zag ik tot mijn verbazing dat Erik Spoelstra "the first Filipino-American head coach in the NBA" zou zijn. Zijn uiterlijk lijkt dat ook te bevestigen, maar na even doorlezen zag ik dat weliswaar zijn moeder Filipijnse is maar zijn vader, Dutch-Irish-American Jon Spoelstra, die manager was bij de NBA voor de Portland Trail Blazers, Denver Nuggets, Buffalo Braves and New Jersey Nets, en kleinzoon van wijlen Watson Spoelstra, een sportverslaggever uit de buurt van Detroit. In dit lemma staat grootvader Watson Spoelstra niet gelinkt maar ook hij heeft een eigen pagina op Wikipedia.
Hier wordt vermeld dat Watson "Waddy" Spoelstra geboren werd op 5 April 1910 in Grand Rapids (aha dat is een bekende emigrantenstad!) en overleed op 20 Juli 1999 in Pinellas, Florida. Hij was een sportverslaggever voor Associated Press en The Detroit News en voorzitter van de Baseball Writers Association of America in 1968. Na zijn pensioen richtte hij de Baseball Chapel op, een christelijke organisatie voor professionele honkballers, die hij leidde van 1973 tot 1982.
Hij studeerde aan Hope College waar hij basketbalde en honkbalde en topscorer aller tijden van het basketbal werd. Hij studeerde af in 1932 om vervolgens als sportverslaggever te gaan werken.
Kort na de geboorte van Watson Spoelstra verhuisden zijn ouders naar Holland, Michigan (een bekende emigrantenstad met heel veel Friezen), waar zijn vader overleed toen hij 5 jaar oud was. Zijn moeder was Jennie Spoelstra (geboren rond 1880) en hij had een 4 jaar oudere zus, Frances. Hij werd opgevoed in een strik Nederlands gereformeerde discipline waarbij sporten op zondag taboe was. Via de radio op de veranda van de buren kon hij toch echter regelmatig naar sport luisteren. Als bijbaantje werkte hij als student voor de krant Holland Sentinel.
Ik heb nog niet kunnen vinden hoe nu precies de lijn naar Friesland loopt, maar mogelijk kunnen de lezers deze keer eens helpen met de genealogische puzzel!
QR Code Business Card